Osteopathie bij baby’s en kinderen – praktische informatie
voorbereiding
Er is geen specifieke voorbereiding nodig. We passen ons aan het ritme en de noden van je baby of kind aan.
Je hoeft niet te wachten met voeden. Het is vaak aangenamer voor je baby als hij of zij geen honger heeft. Voeden kan zowel vóór, tijdens als na het consult. In de praktijk is er de mogelijkheid om borstvoeding te geven, een flesje op te warmen en je baby te verversen.
Je mag gerust vertrouwde spullen meebrengen, zoals een fopspeen, knuffel of doekje.
verloop van het consult
Een consult bestaat uit drie delen: een gesprek, een onderzoek en de behandeling.
We starten met een gesprek over de zwangerschap, geboorte, ontwikkeling en de huidige hulpvraag van je baby of kind. Daarna volgt een manueel onderzoek waarbij we de beweeglijkheid en spanning in het lichaam beoordelen.
De behandeling gebeurt met zachte, aangepaste technieken, volledig afgestemd op het comfort en de reacties van je baby of kind. Je baby mag tijdens het consult bij je blijven en kan indien nodig gevoed, getroost of vastgehouden worden.
na de behandeling
Rust en nabijheid
De meeste baby’s en kinderen zijn ontspannen na een behandeling. Je kindje kan moe zijn en meer behoefte hebben aan rust. Geef je baby of kind de tijd om te slapen en voorzie, indien mogelijk, een rustige omgeving.
Huilen of veranderde reacties
Huilen is een normale vorm van communicatie en zelfregulatie. Sommige baby’s of kinderen kunnen na de behandeling tijdelijk wat meer huilen, gevoeliger zijn of net rustiger dan gewoonlijk.
Ontprikkelen
Na een behandeling kan je baby of kind tijdelijk wat onrustiger zijn of kunnen bestaande klachten kortstondig toenemen. Dit is voorbijgaand. Het is aangewezen om de rest van de dag voldoende rust te voorzien en drukke activiteiten te beperken.
Wanneer raadpleeg je best een arts?
De onderstaande signalen zijn geen gevolg van de behandeling, maar kunnen wijzen op ziekte.
Neem contact op met je arts bij:
koorts (0–3 maanden: ≥ 38°C | 3–6 maanden: ≥ 39°C | ouder dan 6 maanden: koorts die langer dan 3 dagen aanhoudt of toeneemt)
sufheid, apathie of duidelijke gedragsveranderingen
sterk verminderde eetlust, herhaald braken
ademhalingsproblemen (benauwdheid, kreunen, afwijkende ademhaling)
ontroostbaar huilen of huilen dat anders aanvoelt dan gewoonlijk
Tot slot
Heb je vragen of ben je ongerust na de behandeling, neem dan gerust contact met ons op. We helpen je graag verder.
